Uit tientallen klantcases die we jaarlijks begeleiden komen twee bevindingen bovenaan. Als je na een brandweercontrole een brief hebt gekregen, is de kans groot dat ten minste één van deze twee erin staat.
1. Brandscheiding niet meer intact
Verreweg de vaakst gemaakte bevinding. Een brandscheiding, of dat nu een brandmuur is of een compartimentscheiding, moet in zijn geheel de vereiste tijd brand tegenhouden. Meer over hoe brandscheidingen werken in de context van compartimentering lees je in onze blog over WBDBO en compartimentering. In de praktijk zien we deze scheidingen op twee manieren ondermijnd raken.
Muurdoorbraken zonder brandwerende afsluiting. Een aannemer heeft ergens tussentijds een sparing gemaakt om een deur, doorgang of verbinding tot stand te brengen, zonder dat de doorgang met een gecertificeerde brandwerende oplossing is afgesloten. De muur ziet er visueel misschien afgewerkt uit, maar functioneel is de brandscheiding doorbroken. Voor de volledige uitleg over deze ingreep, zie onze blog over een sparing maken in een brandmuur.
Nieuwe leidingen of kabelgoten door de brandscheiding. Bij een installatie of renovatie zijn er kabels, luchtkanalen of buizen door de brandmuur getrokken zonder dat de doorvoeringen brandwerend zijn afgedicht. Vaak zit er alleen standaard PUR-schuim rond de leiding, en dat is geen gecertificeerde brandwerende afdichting. Bij een brand smelt of brandt het schuim door en verspreidt het vuur zich alsnog via de doorvoering naar het aangrenzende compartiment. Voor dit type herstel leveren wij brandwerende doorvoeringen in gecertificeerde uitvoering.
Het punt bij beide: de brandwerendheid van de muur zelf is niet meer aantoonbaar, ook al is de wand zelf ongeschonden.
2. De rookscheiding is niet in orde
Deze bevinding wordt vaak over het hoofd gezien, omdat het onderscheid tussen brandwerendheid en rookwerendheid niet altijd goed wordt begrepen. Een deur of scheiding die getest is als brandwerend (bijvoorbeeld EI60), is niet automatisch ook rookwerend. Voor rookwerendheid gelden aparte classificaties: Sa (koude rook) en S200 (warme rook tot 200 °C) volgens NEN 6075. Voor achtergrond zie onze blog over brandwerende classificaties E, EW en EI.
In de praktijk komen we dit vooral tegen in:
- appartementsgebouwen met slaapfunctie, waar de brandweer aanvullend S200-rookwerendheid vraagt bij deuren of scheidingen in vluchtroutes;
- zorginstellingen en hotels, waar rookbeheersing kritischer is dan brandwerendheid alleen omdat bewoners of gasten mogelijk niet direct kunnen vluchten;
- atria en open vides, waar rook zich verticaal snel verspreidt en een dichte brandscheiding alleen niet voldoet. Meer hierover in onze blog over rookwerende schermen voor een atrium of open vide.
Bij zulke bevindingen moet vaak een rookwerende deur of een rookscherm worden toegevoegd, of moeten de bestaande afdichtingen worden aangevuld met kierdichting en drempels die rookwerend zijn getest. Voor de uitleg tussen deze twee klassen zie onze blog over het verschil tussen Sa en S200 rookwerendheid.